Pensioenkeuzes
Uw medewerker kan zijn pensioen met een aantal keuzes aanpassen aan zijn of haar persoonlijke wensen. Sommige van die keuzes hebben gevolgen voor de pensioenafspraken tussen u en uw medewerker, andere niet. Uiteraard is het in ieders belang dat die keuzes in goed overleg tot stand komen. 

Tip vooraf

Met onze financiële online planningstool Op Koers kan uw medewerker eenvoudig zelf berekenen welke financiële gevolgen zijn of haar pensioenkeuzes hebben. Hij of zij moet daarvoor inloggen op MijnPNO. 

Keuze 1: Extra pensioen opbouwen

Als uw medewerker te weinig pensioen heeft opgebouwd, dan is extra pensioen opbouwen een mogelijkheid. U stelt samen een eenmalige inleg vast en bepaalt samen of en hoe u die onderling verrekent. Bijvoorbeeld door een inhouding op het bruto salaris, want over de inleg hoeft geen belasting te worden betaald. 
Fiscale wetgeving begrenst de hoogte van de eenmalige inleg. Neem contact met ons op als u hierover meer informatie wilt of graag een offerte ontvangt. 

Keuze 2: Deeltijdpensioen

Bij deeltijdpensioen bepaalt u samen met uw medewerker hoeveel uur hij of zij blijft werken. De pensioenopbouw passen wij hier op aan. Voor het deel dat hij of zij ontslag neemt, kunnen we het verlies aan salaris aanvullen door deeltijdpensioen uit te keren. Blijft uw medewerker volledig doorwerken na 67 jaar, dan kan hij of zij eveneens deeltijdpensioen laten uitkeren, bovenop zijn of haar salaris.
Het is belangrijk dat u de wijziging van het dienstverband zo snel mogelijk aan ons doorgeeft. U doet dat het makkelijkst via de PNO Werkgeversportal.

Keuze 3: Eerder of later met pensioen

Gaat uw medewerker eerder met pensioen dan de standaard pensioenleeftijd van 67 jaar, dan wordt de pensioenuitkering van uw medewerker lager. Dit komt doordat uw medewerker dan minder jaren pensioen opbouwt. Het pensioen moet bovendien over een langere periode worden uitbetaald. Gaat hij of zij later dan met 67 jaar met pensioen, dan wordt de pensioenuitkering over een kortere periode aan uw medewerker uitbetaald. Dit betekent een hogere maandelijkse pensioenuitkering. 
Vanaf 67 jaar vindt er geen pensioenopbouw meer plaats. Bij PNO Media kan uw medewerker tot uiterlijk vijf jaar na zijn of haar AOW-leeftijd doorwerken.

Wil uw medewerker eerder met pensioen? Dan moet hij of zij dit minstens drie maanden vóór de gewenste pensioendatum zelf aan ons doorgeven. Ook een eventuele partner moet hierbij tekenen voor akkoord. 

Keuze 4: Partnerpensioen of ouderdomspensioen uitruilen

Uw medewerker kan zijn ouderdomspensioen verhogen door opgebouwd partnerpensioen uit te ruilen. De partner ontvangt dan geen of minder partnerpensioen als uw medewerker overlijdt. Deze vorm van pensioen uitruilen kan een uitkomst zijn als uw medewerker geen partner heeft of omdat zijn of haar partner een eigen ouderdomspensioen heeft opgebouwd.
Ouderdomspensioen ruilen voor een hoger partnerpensioen kan ook. Het totale partnerpensioen mag dan maximaal 70% of 75% bedragen van het resterende ouderdomspensioen na uitruil. Dit is afhankelijk van de pensioenregeling waaraan u deelneemt.

Als uw medewerker ouderdomspensioen of partnerpensioen wil uitruilen, dan moet hij of zij dit minstens drie maanden voor pensioendatum zelf schriftelijk aan ons doorgeven. Ook de eventuele partner moet hierbij tekenen voor akkoord.

Keuze 5: Tijdelijk hoger of lager pensioen

Uw medewerker kan ervoor kiezen om de eerste jaren na pensionering een hogere pensioenuitkering te ontvangen en in de periode daarna een lagere. Andersom kan ook. 
De periode van de aangepaste (hogere of lagere) uitkering bepaalt uw medewerker zelf, maar de laagste uitkering mag nooit lager zijn dan 75% van de hoogste uitkering. 

Als uw medewerker tijdelijk een hoger of lager pensioen wil, moet hij of zij dit minstens drie maanden vóór de gewenste pensioendatum zelf schriftelijk aan ons doorgeven. Ook een eventuele partner moet tekenen voor akkoord.

DELEN: